Profielkeuze in klas 3: helpen kiezen zonder het over te nemen
Ergens tussen november en maart moet je kind kiezen, en bij de meeste kinderen valt die keuze samen met de periode waarin ze nog geen idee hebben wat ze willen. Dat is geen probleem, zolang de keuze niet meer dichttimmert dan nodig is.
Wat er eigenlijk gekozen wordt
Een profiel is een vaste set vakken voor de bovenbouw, met daarbinnen nog wat keuzeruimte. Op havo en vwo zijn dat cultuur en maatschappij, economie en maatschappij, natuur en gezondheid, en natuur en techniek. Op het vmbo heten ze anders en liggen ze dichter bij een beroepsrichting.
De keuze bepaalt twee dingen: welke vakken je kind de komende jaren heeft, en welke vervolgopleidingen later toegankelijk zijn. Het tweede voelt zwaarder dan het eerste, maar in de praktijk is het eerste belangrijker. Drie jaar met vakken die niet passen, kost meer dan een omweg via een schakelprogramma.
Bovendien is de keuze minder definitief dan hij lijkt. Veel opleidingen kennen een aanvullende route voor wie een vak mist, en veel jongeren komen ergens terecht waar ze op hun vijftiende nog niet van hadden gehoord.
De vragen die wel iets opleveren
'Wat wil je later worden?' levert bij de meeste vijftienjarigen niets op, behalve het gevoel dat ze het antwoord zouden moeten weten. Deze vragen werken beter, en je kunt ze verspreid over een paar weken stellen in plaats van in één gesprek.
Stel deze:
- Bij welk vak vind je het niet erg dat het uur nog niet om is?
- Welk huiswerk stel je het langst uit, en welk huiswerk doe je zonder er over na te denken?
- Als je iets moet uitleggen aan een ander, welk vak kies je dan?
- Wat zou je jammer vinden om drie jaar niet meer te hebben?
- Welke vakken zou je nemen als niemand er iets van zou vinden?
Die laatste vraag legt vaker iets bloot dan alle andere samen, vooral bij kinderen die een sterke verwachting van huis of van school voelen.
De fout die het vaakst gemaakt wordt
Kiezen op leraar. Een kind heeft dit jaar een goede docent economie en kiest economie; het had vorig jaar een slechte ervaring bij biologie en schrapt natuur en gezondheid. Over een jaar staat er een andere docent voor de klas en is het vak hetzelfde gebleven.
De tweede fout is kiezen op vrienden. Dat is begrijpelijk en meestal onschadelijk, behalve als het een profiel oplevert waarin je kind drie jaar lang tegen vakken aanhikt die het niet aankan.
De derde is kiezen op het cijfer van dit moment. Een zes voor wiskunde in klas drie zegt weinig als de manier van leren de oorzaak is. Kijk daarom niet alleen naar het cijfer maar naar de vraag hoe je kind aan dat cijfer is gekomen.
Wat je doet als je kind geen idee heeft
Dat is de normale situatie, niet de uitzondering. Werk dan van buiten naar binnen: niet beginnen bij wat je kind wil worden, maar bij wat eruit kan.
Een werkbare volgorde:
- Streep samen de profielen weg die zeker niet passen, en schrijf erbij waarom. Meestal blijven er twee over.
- Zoek per overgebleven profiel drie opleidingen op die eruit voortkomen en die je kind niet kende. Het doel is niet kiezen, maar zien wat het openhoudt.
- Laat je kind met twee mensen praten die iets doen dat in de buurt komt. Een oom, een buurvrouw, een oud-leerling. Eén gesprek van tien minuten doet meer dan drie open dagen.
- Zet de knoop op een datum. Niet 'we kijken nog even', maar 'voor de kerstvakantie besluiten we'.
Die laatste stap is er voor jullie allebei. Een keuze die blijft hangen, gaat de hele winter mee als onderwerp aan tafel, en dat maakt hem niet makkelijker.
Waar jij wel en niet over gaat
Jij gaat over het proces: dat er op tijd over gepraat wordt, dat de informatie er ligt, dat de deadline gehaald wordt. Je kind gaat over de keuze. Dat onderscheid is makkelijk op te schrijven en lastig vol te houden, zeker als je ziet dat je kind iets kiest wat jij niet zou kiezen.
Zeg wat je ziet en zeg er dan bij dat het zijn keuze is. 'Ik zie dat je bij natuurkunde altijd afhaakt en ik vraag me af hoe dat drie jaar gaat, maar jij kent jezelf beter dan ik.' Dat is informatie waar iets mee te doen valt, in tegenstelling tot een oordeel.
Twijfel je of je kind de keuze wel overziet, kijk dan of het andere beslissingen wel zelf neemt. Een kind dat structureel vastloopt op keuzes, heeft geen betere informatie nodig maar hulp bij het beslissen zelf.
Kiezen lukt niet als het plannen ook niet lukt
Een kind dat de deadline van de profielkeuze steeds vooruitschuift, heeft zelden een keuzeprobleem. De gratis EF-check laat zien of het aan beginnen, overzicht of besluiten ligt.
Veelgestelde vragen
Wanneer moet de profielkeuze gemaakt zijn?
Op de meeste scholen tussen december en maart van klas 3, met voorlichting vanaf het najaar. De exacte data staan in de schoolgids of komen via de mentor; die verschillen per school.
Welk profiel houdt de meeste opleidingen open?
Op havo en vwo houdt natuur en techniek de meeste technische en bètastudies open, en natuur en gezondheid de meeste zorgstudies. Een breed profiel met wiskunde erin sluit het minste uit. Kiezen om niets uit te sluiten is alleen zinvol als je kind die vakken ook aankan.
Mijn kind wil een profiel kiezen om een vak te vermijden. Is dat erg?
Niet per se. Een vak dat structureel onvoldoendes oplevert, kost in de bovenbouw drie jaar energie. Kijk wel eerst of het vak zelf het probleem is of de aanpak, want dat laatste neemt je kind mee naar elk vak.
Kun je later nog wisselen van profiel?
Vaak kan het in het begin van klas 4 nog, maar het wordt snel lastig door roosters en achterstanden. Vraag bij de mentor na tot wanneer het bij jullie op school praktisch haalbaar is.