Kennisbank 12 min leestijd

Executieve functies: wat ze zijn en hoe je ze traint

Je kind is slim genoeg en weet ook wat er moet gebeuren. Toch ligt het boek om acht uur nog dicht, of blijkt het werkstuk kwijt dat gisteren af was. Dat gat tussen kunnen en doen heeft een naam. Het zijn de executieve functies, en op de middelbare school zijn die nog lang niet klaar.

Praktijkartikelen

Situaties uit een gewone schoolweek

Wat je doet als het misgaat, per situatie uitgewerkt.

  • Toetsweek plannen

    Achteruit plannen vanaf de laatste toets, en hoeveel er echt op een avond past.

  • Het puberbrein

    Wat er tussen het twaalfde en vijfentwintigste jaar verbouwd wordt, en wat dat op school betekent.

  • Studievaardigheden

    Waarom herlezen en markeren zo weinig opleveren, en wat wel werkt.

  • Doubleren of overgaan

    Wat blijven zitten wel en niet oplost, en welke vragen je op de rapportvergadering stelt.

  • Werkhouding op school

    De vier oorzaken achter een onvoldoende werkhouding, en wat er per oorzaak helpt.

  • ADHD bij meisjes herkennen

    Waarom het bij meisjes vaker onopgemerkt blijft en waar je op let.

Alle artikelen

Wat zijn executieve functies?

Executieve functies zijn de regelfuncties van de hersenen. Ze gaan niet over wat je weet, maar over wat je met die kennis doet op het moment dat het nodig is. Ze zorgen dat je begint, dat je onthoudt waar je mee bezig was, dat je jezelf afremt en dat je doorgaat als iets tegenvalt.

Ze zitten vooral in de prefrontale cortex, het gebied achter je voorhoofd. Dat gebied is als laatste volgroeid, ergens rond het vijfentwintigste jaar. Een brugklasser krijgt op zijn twaalfde dus een agenda, tien vakken en de opdracht om zelf het overzicht te bewaren, terwijl het hersengebied dat dat moet regelen nog jaren onderweg is.

Daarom is dit zelden een kwestie van motivatie. Een kind dat niet begint, wil vaak wel. Het startmechanisme doet het alleen niet vanzelf.

De elf executieve functies op een rij

Wij werken met het model van Peg Dawson en Richard Guare, dat elf functies onderscheidt. Bijna niemand is overal even sterk in. Het gaat erom te weten welke functie bij je kind de zwakke schakel is, want daar hoort een andere aanpak bij.

1. Responsinhibitie

Nadenken voordat je doet. Niet meteen reageren op wat er langskomt.

Op school: Roept door de klas, begint aan het antwoord voordat de vraag af is, pakt de telefoon zodra die trilt.

Lees verder

2. Werkgeheugen

Informatie vasthouden terwijl je er iets mee doet.

Op school: Vergeet halverwege de opdracht wat de bedoeling was. Loopt naar boven en weet niet meer waarvoor.

Lees verder

3. Emotieregulatie

Gevoelens zo sturen dat je toch aan het werk kunt.

Op school: Één onvoldoende voelt als een ramp en de rest van de avond is verloren.

Lees verder

4. Volgehouden aandacht

Bij de taak blijven, ook als die saai of moeilijk wordt.

Op school: Na tien minuten samenvatten is de aandacht weg, zelfs zonder afleiding om zich heen.

Lees verder

5. Taakinitiatie

Beginnen zonder eerst iets anders te moeten doen.

Op school: Zit om vier uur klaar en om zeven uur is er nog geen letter geschreven.

Lees verder

6. Planning en prioritering

Een route bedenken en bepalen wat eerst moet.

Op school: Leert alles even grondig, ook het hoofdstuk dat niet op de toets komt.

Lees verder

7. Organisatie

Spullen en informatie op een vindbare plek houden.

Op school: Het werkstuk is af en staat ergens. Alleen niet waar het ingeleverd moet worden.

Lees verder

8. Timemanagement

Inschatten hoe lang iets duurt en dat ook zo inplannen.

Op school: Denkt dat een boekverslag een avondje is en begint de dag ervoor.

Lees verder

9. Doelgericht doorzettingsvermogen

Bij een doel blijven als het even niets oplevert.

Op school: Wil het diploma halen, maar kan dat niet omzetten in wat er dinsdag moet gebeuren.

Lees verder

10. Flexibiliteit

Omschakelen als het anders loopt dan bedacht.

Op school: Een uitgevallen les of een gewijzigd rooster gooit de hele dag om.

Lees verder

11. Metacognitie

Zien hoe je het aanpakt en of dat werkt.

Op school: Leert al drie jaar op dezelfde manier, ook al haalt die manier geen voldoendes.

Lees verder

Executieve functies per leeftijd

Wat redelijk is om te verwachten, verschuift per leeftijd. Deze richtlijn helpt om te zien of je te veel vraagt, of juist te weinig.

Groep 3 tot 5 (6 tot 8 jaar)
Een opdracht van twee stappen onthouden, spullen opruimen na een herinnering, even wachten met roepen.
Groep 6 tot 8 (9 tot 12 jaar)
Huiswerk van een dag vooruit plannen, een boekverslag opdelen, zelf een tas inpakken voor morgen.
Brugklas tot en met klas 2 (12 tot 14 jaar)
Een week overzien, een toets over meerdere avonden verdelen, beginnen zonder dat iemand ernaast zit.
Klas 3 en 4 (15 tot 16 jaar)
Een toetsweek plannen, kiezen wat voorgaat, doorwerken aan een profielwerkstuk dat pas over maanden af moet.
Bovenbouw en studie (17 jaar en ouder)
Zelf een studieritme houden zonder rooster dat de dag vult, en op tijd bijsturen als het niet lukt.

Loopt je kind ongeveer twee jaar achter op wat hier staat, dan is dat niet ongewoon. Het betekent wel dat de school iets vraagt wat nog niet zelfstandig lukt, en dat de hulp thuis daarop aangepast moet worden.

Kun je executieve functies trainen?

Ja, maar niet los van het echte werk. Geheugenspelletjes en breintrainingsapps maken je vooral beter in dat spelletje. De winst verplaatst zich niet naar de wiskundetoets van donderdag.

Wat wel werkt, is oefenen met het schoolwerk dat er toch al ligt, met steun van buitenaf die geleidelijk wordt weggehaald. Eerst plant iemand samen met je kind de week. Dan plant je kind zelf en kijkt iemand mee. Daarna plant het zelf en wordt het achteraf gecontroleerd. Die volgorde is het hele idee: je leent tijdelijk de functie uit die nog niet af is, en geeft hem stap voor stap terug.

Dat vraagt herhaling over maanden, niet over weken. En het vraagt iemand die er thuis niet elke avond mee samenvalt, want tussen ouder en kind wordt het gesprek over plannen meestal een gesprek over iets anders.

Executieve functies en ADHD

Bij ADHD zijn de executieve functies vrijwel altijd zwakker, vooral responsinhibitie, werkgeheugen en taakinitiatie. Veel van wat als ADHD-gedrag wordt gezien is precies dat: het uitstellen, het kwijtraken, het niet kunnen stoppen met iets wat wél leuk is.

Maar het loopt niet één op één. Een deel van de jongeren die hierop vastloopt heeft geen diagnose en krijgt die ook niet. Voor de begeleiding maakt dat niets uit. Je traint wat er zwak is, ongeacht hoe het heet.

Weten waar je kind op vastloopt

De gratis EF-check loopt de elf functies langs en laat in vijf minuten zien welke de zwakke schakel is. Geen diagnose, wel een startpunt.

Veelgestelde vragen

Wat zijn executieve functies in het kort?

Het zijn de regelfuncties van de hersenen die sturen hoe je iets aanpakt: beginnen, plannen, onthouden waar je mee bezig was, jezelf afremmen en volhouden. Ze bepalen niet hoe slim iemand is, maar of die zijn kennis op het juiste moment kan gebruiken.

Welke executieve functies zijn er?

Wij werken met de elf functies uit het model van Dawson en Guare: responsinhibitie, werkgeheugen, emotieregulatie, volgehouden aandacht, taakinitiatie, planning en prioritering, organisatie, timemanagement, doelgericht doorzettingsvermogen, flexibiliteit en metacognitie.

Vanaf welke leeftijd zijn executieve functies volgroeid?

Rond het vijfentwintigste jaar. Het hersengebied dat deze functies aanstuurt rijpt als laatste. Van een brugklasser een planning verwachten die een volwassene maakt, is dus vragen om iets waar het brein nog niet klaar voor is.

Kun je executieve functies trainen?

Ja, maar niet los van de praktijk. Losse oefeningen of geheugenspelletjes verbeteren vooral het spelletje zelf. Wat wel werkt, is oefenen met het echte schoolwerk, met hulp van buitenaf die stap voor stap wordt afgebouwd.

Wat is het verschil tussen executieve functies en ADHD?

ADHD is een diagnose, zwakke executieve functies zijn een beschrijving van gedrag. Bij ADHD zijn de executieve functies vrijwel altijd zwakker, maar het omgekeerde geldt niet: veel jongeren lopen hierop vast zonder dat er een diagnose is of komt.

Heeft mijn kind een diagnose nodig om begeleiding te krijgen?

Nee. Wij kijken naar wat er in de week misgaat rond schoolwerk. Of daar een diagnose bij hoort, verandert de aanpak niet.

Doe de gratis EF-check

In vijf minuten zie je waar je kind op vastloopt.