Samenvatten zonder overschrijven: in vier stappen naar één A4
Een samenvatting maken voelt als leren. Je bent bezig, er komt tekst op papier, en na twee uur ligt er iets dat er goed uitziet. Toch haalt een kind dat zo werkt vaak een lager cijfer dan een kind dat half zo lang bezig was. Het verschil zit in één ding: of het boek open lag tijdens het schrijven.
Waarom overschrijven zo aantrekkelijk is
Overschrijven is prettig werk. Het gaat vanzelf, je hoeft niets te beslissen, en er groeit iets zichtbaars. Samenvatten is het tegenovergestelde: je moet bij elke zin kiezen of hij mee mag, en dat kiezen is vermoeiend. Een kind dat moe is of laat begint, glijdt daarom bijna automatisch naar overschrijven.
Het resultaat is een tekst die alles bevat en dus niets ordent. Bij het leren moet je kind vervolgens dezelfde hoeveelheid stof door, alleen nu in een handschrift dat lastiger leest dan het boek.
De uitweg is simpel en oncomfortabel: schrijf met het boek dicht. Alles wat je dan opschrijft, is wat je kunt navertellen, en dat is per definitie een samenvatting.
Stap 1: maak vragen van de kopjes
Blader het hoofdstuk door en zet elk kopje om in een vraag. 'De Franse Revolutie' wordt 'Waarom brak de Franse Revolutie uit en wat veranderde erdoor?'. 'Osmose' wordt 'Wat is osmose en wanneer treedt het op?'.
Die vragen schrijf je onder elkaar op een leeg vel, met ruimte eronder. Dit kost vijf minuten en het levert meteen de structuur van je samenvatting op. Bijkomend voordeel: de meeste toetsvragen zijn varianten op precies deze vragen.
Stap 2: beantwoord ze met het boek dicht
Nu het echte werk. Boek dicht, en beantwoord elke vraag uit je hoofd in twee of drie zinnen. Weet je het niet, dan laat je de ruimte leeg en ga je naar de volgende.
Dit gaat de eerste keer slecht. Van de acht vragen komen er drie eruit. Dat voelt als falen, maar het is informatie: die vijf lege plekken zijn precies wat je kind nog moet leren, en die staan nu zwart op wit.
Stap 3: vul aan in een andere kleur
Sla het boek open en vul de lege plekken in met een andere kleur pen. Corrigeer ook wat je uit je hoofd verkeerd had. Aan het eind heb je een blad waarop je in één oogopslag ziet wat er al zat en wat erbij moest.
Bewaar die tweede kleur, want dat is je leerlijstje. Twee dagen later pak je het blad erbij en controleer je alleen de gekleurde stukken. De rest hoef je niet meer te doen.
Stap 4: breng terug tot één A4
Schrijf het geheel over op één A4, en gebruik geen hele zinnen meer maar steekwoorden met pijlen. Deze stap voelt overbodig omdat je alles al hebt opgeschreven, en juist hier zit de meeste winst: om iets tot een steekwoord terug te brengen, moet je het begrijpen.
Wat er in elk geval op moet:
- De vragen uit stap 1, als kopjes.
- Per vraag de kern in steekwoorden, niet meer dan twee regels.
- De begrippen die de docent in de les heeft benadrukt, omcirkeld.
- Onderaan: de drie dingen die bij het navertellen steeds misgaan.
Hetzelfde stukje, voor en na
Ter illustratie een stuk uit een biologieboek over de nier.
Overgeschreven (63 woorden)
In de nierschors bevinden zich de nierlichaampjes, die bestaan uit een kluwen haarvaten omgeven door het kapsel van Bowman. Onder invloed van de bloeddruk wordt hier vloeistof uit het bloed geperst. Dit proces heet ultrafiltratie. De gevormde voorurine bevat water, zouten, glucose en afvalstoffen, maar geen eiwitten en geen bloedcellen, omdat deze te groot zijn.
Samengevat (17 woorden)
Nierlichaampje = kluwen + kapsel van Bowman → bloeddruk perst vloeistof eruit = ultrafiltratie. Voorurine: water, zout, glucose, afval. Niet: eiwit, bloedcellen (te groot).
De tweede versie bevat alles wat je moet weten en is in dertig seconden te lezen. Hij is alleen niet te maken door over te schrijven, want je moet zelf bedenken dat 'te groot' het hele antwoord is op de vraag waarom eiwitten er niet in zitten.
Hoeveel tijd het kost
Voor een hoofdstuk van twaalf bladzijden: vijf minuten voor de vragen, twintig minuten voor het beantwoorden uit het hoofd, vijftien minuten aanvullen en tien minuten terugbrengen tot een A4. Bij elkaar vijftig minuten, tegenover de twee uur die overschrijven kost.
Die tijdwinst is niet het belangrijkste. Het belangrijkste is dat je kind na die vijftig minuten al een keer geprobeerd heeft de stof terug te halen, en dat is het enige wat het geheugen echt vooruithelpt.
Wanneer samenvatten niet loont
Bij wiskunde, natuurkunde en scheikunde is samenvatten meestal uitstelgedrag met een nette buitenkant. Daar leer je door sommen te maken. Vervang de samenvatting door één blad met de formules en per soort som een uitgewerkt voorbeeld.
Bij talen geldt hetzelfde voor woordjes en grammatica. Een samenvatting van de grammaticaregels kan nuttig zijn, maar het oefenen met zinnen levert meer op. En als de toets morgen is, begin dan niet meer aan een samenvatting: gebruik die van het boek en steek de tijd in jezelf overhoren.
Wat als je kind wel weet hoe het moet, maar niet begint?
Dan helpt een betere techniek niet. De gratis EF-check laat in vijf minuten zien waar het vastloopt: in het starten, het plannen, het onthouden of het volhouden.
Veelgestelde vragen
Hoe lang mag een samenvatting zijn?
Voor een hoofdstuk van tien tot vijftien bladzijden is één A4 een goede grens. Wordt het er twee, dan zit er nog uitleg in die eruit kan. De grens is er niet voor de netheid, maar omdat het kiezen wat weg mag het eigenlijke leerwerk is.
Met de hand schrijven of typen?
Met de hand, als het kan. Typen gaat sneller dan denken, en daardoor glijden hele zinnen uit het boek in de samenvatting zonder dat je kind het merkt. Met de hand schrijven is traag genoeg om te dwingen tot korter formuleren.
Mag mijn kind de samenvatting van een klasgenoot gebruiken?
Om mee te controleren wel, om mee te leren niet. De samenvatting van een ander is het resultaat van iemand anders zijn denkwerk. Je kind kan hem prima naast de eigen versie leggen om te zien wat het vergeten is.
Werkt samenvatten ook voor wiskunde?
Niet op deze manier. Bij wiskunde en natuurkunde vervang je de samenvatting door een blad met de formules en per soort som één uitgewerkt voorbeeld. Leren doe je daar door sommen te maken, niet door theorie op te schrijven.